|
De twee eigen bestuursrechtbanken waar Vlaanderen sinds 2009 over
beschikt, schieten hun doel voorbij. De zes rechters van het
Milieuhandhavingscollege hebben in anderhalf jaar tijd amper negen
arresten geveld, terwijl de Raad voor Vergunningsbetwistingen de
beroepen langer dan ooit laat aanslepen.
Verschenen in De Morgen - Jeroen Verelst 04-04-2011 Pag. 1
De vorige Vlaamse regering-Peeters I richtte nog net voor de verkiezingen van 2009 twee eigen, Vlaamse bestuursrechtbanken op. Die moesten zorgen voor een snellere en efficiëntere rechtspraak. Om die redenen gaf het Grondwettelijk Hof aan Vlaanderen ook toestemming om die rechtbanken op te richten. Maar bijna twee jaar later komt daar nog altijd bitter weinig van in huis.
Het Milieuhandhavingscollege behandelt de beroepen tegen de administratieve boetes die de Vlaamse administratie zelf op aangeven van de parketten oplegt voor kleinere milieu-inbreuken. Het college bestaat uit een voorzitter, een ondervoorzitter en vier bestuursrechters. Die krijgen zoals elke rechtbank steun van een griffier, het organigram toont dat er ook nog een management assistent is.
Sinds de oprichting in mei 2009 nam het college acht beslissingen en één tussenbeslissing: met wat goede wil dus negen arresten in een kleine twee jaar tijd. Er is een uitleg voor dat geringe aantal, zo verdedigde de bevoegde milieuminister Joke Schauvliege (CD&V) het college op een vraag van sp.a-parlementslid Bart Martens. "Het Milieuhandhavingscollege is het orgaan van laatste aanleg in het sanctioneringssysteem, dat heeft een uitgebreid voortraject." Versta: je kan pas beroep aantekenen tegen je straf als je eerst gestraft bent, en je kon pas gestraft worden vanaf 1 mei 2009.
Het eerste beroepsdossier arriveerde pas in februari 2010, negen maanden na de oprichting, bij het Milieuhandhavingscollege. Maar ook het aantal dossiers dat nadien volgde, viel best mee. In 2009 en 2010 tekenden veertien mensen beroep aan bij het college. Die dossiers zijn nog niet allemaal afgehandeld, getuige de negen arresten. De gemiddelde doorlooptijd van een beroepsdossier situeert zich ergens tussen de tweehonderd en de tweehonderdvijftig dagen.
Rechtbank nummer twee, de Raad voor Vergunningsbetwistingen die zoals de naam al doet vermoeden het beroep tegen beslissingen over bouwvergunningen wegneemt bij de minister en de Raad van State, blinkt ook al niet uit in de snelheid die beoogd werd. "De Raad ontving tijdens zijn eerste werkjaar niet minder dan 753 schorsings- en annulatieverzoeken. Tegen deze instroom staan slechts 110 uitspraken", vermeldt het jaarverslag 2009-2010. De wachttijden voor de afronding van betwistingsdossiers loopt makkelijk over het jaar. De reden is snel gevonden. Lijkt het Milieuhandhavingscollege wel erg ruim bestaft in verhouding tot de werklast, dan kampt de Raad voor Vergunningsbetwistingen al sinds de oprichting met een personeelstekort. Slechts drie van de vijf voorziene rechters en slechts een van de twee beloofde griffiers werden benoemd.
Voor Martens ligt de oplossing voor de hand. "Maak er één bestuursrechtbank van."
|