Opiniestuk van Bart Martens en Joris Vandenbroucke, Vlaams volksvertegenwoordigers sp.a
20 januari vond in Hasselt het VIA-slotforum plaats waar voorzitter Karel Vinck de ambitie van Vlaanderen tegen 2020 schetst. Een van de speerpunten daarin is dat van de "duurzame logistiek". sp.a-volksvertegenwoordigers Bart Martens en Joris Vandenbroucke willen voorkomen dat "duurzame logistiek" een containerbegrip wordt. Eerder dan de betonnen lopers naar het achterland uit te rollen, willen ze investeren in een betere sturing en vergroening van onze transportstromen. Het hinterland mag geen hinderland worden.
Onze geografische ligging, onze havens, ons hoogwaardig en multimodaal transportnetwerk en onze (meertalige) productieve arbeidskrachten zijn inderdaad uit te spelen troeven in een geglobaliseerde economie waar aanzwellende goederenstromen hun weg banen van productiecentra in China, India en Zuidoost-Azië naar koopkrachtige Europese consumenten die in ons hinterland vertoeven. Maar laat onze ambitie vooral verder reiken dan het accommoderen van een transitstroom die noopt tot gigantische investeringen voor de expansie van havengebieden en transportinfrastructuur, onze wegen verder laat dichtslibben en ons opzadelt met een onbetaalde factuur op vlak van milieuaantasting en ongevallen. Bovendien is de economische meerwaarde van een ‘make-over' van Vlaanderen als exportland tot transitland hoogst twijfelachtig. Al dat verkeer door Vlaanderen, is niet noodzakelijk goed voor Vlaanderen. Voor alle duidelijkheid, wij verzetten ons niet eenzijdig tegen elke investering die de logistieke sector ten goede kan komen. Wat wij willen, is investeren in de logistieke functie van Vlaanderen om deze op een andere, duurzame leest te schoeien.
Niet àlle Europese wegen leiden naar Vlaanderen
Ten eerste moeten onze havens zich als draaischijf voor intercontinentaal transport concentreren op goederen voor en afkomstig van ons ‘natuurlijk' hinterland. Ongeveer 80% van de containertrafiek van en naar Antwerpen bestrijkt een gebied binnen een straal van 150 km. Houden zo. Het bouwen van nieuwe havendokken om goederen aan te trekken voor regio's die bereikbaar zijn via kortere routes of via routes met een hoger aandeel spoor en binnenvaart, is milieubelastend en onrendabel. De toegevoegde waarde zal immers quasi volledig buiten onze landsgrenzen gerealiseerd worden. Dat betekent niet dat we pleiten voor een moratorium op elke bijkomende logistieke infrastructuur. Het kunstmatig afwenden van goederenstromen naar ons natuurlijk hinterland leidt tot omrijdbewegingen met een hogere milieu-impact.
Clustering en bundeling
Opdat de verdere uitsplitsing van goederenstromen naar het achterland meer per spoor of binnenvaart kan gebeuren, moeten distributiecentra ruimtelijk worden geclusterd langs multimodale knooppunten in plaats van verder uit te waaieren langs onze wegeninfrastructuur. Het Economische Netwerk Albertkanaal (ENA) bijvoorbeeld, mag niet leiden tot een ‘paternoster' van kleine distributiezones waar de goederen in het beste geval per schip toekomen maar steevast per vrachtwagen terug zullen vetrekken. De zone rond de E313 is al oververzadigd met wegtrafiek. Enkel clustering en bundeling van goederen laat een rendabele inzet toe van spoor- en binnenvaartshuttles naar het achterland.
Toegevoegde waarde creëren
Op havenkaaien containers opstapelen om ze zo snel mogelijk naar het buitenland door te gooien, levert vooral veel lasten en weinig lusten op. We moeten die containers ook bij ons kunnen openmaken door het etiketteren, verpakken, controleren en assembleren van producten voor zij hun tocht naar de Europese markten verderzetten. Dat sommigen reeds het licht op groen willen voor de bouw van het Saeftinghedok terwijl de eerste steen voor van het Logistiek Park Waaslandhaven nog moet gelegd worden, is dan ook wraakroepend. Juist dat park werd geconcipieerd voor afgeleide logistieke activiteiten die zich enten op de goederenstroom via het Deurganckdok. Om te vermijden dat het tonnen-denken het toegevoegde waarde-denken gaat overheersen, pleiten wij voor een Maatschappelijke Kosten Baten Analyse (MKBA) op planniveau voor de ontwikkeling van onze zeehavengebieden. Die MKBA moet alle toekomstige inrichtingsopties, gaande van een maritiem portuaire functie al dan niet met afgeleide logistieke activiteiten tot de inplanting van duurzame maakindustrie, aftoetsen binnen het kader van de beschikbare milieu- en leefbaarheidsruimte en de beschikbare capaciteit van de ontsluitingsinfrastructuur.
Een correcte prijszetting voor wegtransport
Tot slot moeten we doorzetten met de voorgenomen invoering van een kilometerheffing voor vrachtwagens. Een correcte beprijzing van wegtransport vermijdt de afwenteling van kosten in de vorm van ongevallen, files en milieuvervuiling op een samenleving die reeds de factuur voor de bouw en het onderhoud van de transportinfrastructuur betaalt. Het doorgaand verkeer gaat dan eindelijk meebetalen voor de kosten die zij bij hun doortocht veroorzaken. Een slimme kilometerheffing die meer aanrekent voor rijden tijdens de spits, in stedelijk gebied en met vuilere vrachtwagens, leidt tot een versnelde vervanging van het voertuigenpark door schonere modellen, een hogere beladingsgraad (minder lege vrachtwagens), een verschuiving van vracht van de spits naar het dal en van de weg naar spoor en binnenvaart. Ze moet leiden tot een reorganisatie van het logistiek gebeuren zodat een zelfde handelsvolume met minder (vracht)wagenkilometers wordt afgewikkeld. De spectaculaire ontwikkeling van Europese Distributiecentra van waaruit heel het continent just-in-time met de vrachtwagen wordt bediend, is niet langer houdbaar. Door de vandaag afgewentelde congestie- en milieukosten aan de transporteurs door te rekenen, zullen de "last mile costs" dermate toenemen dat een ontwikkeling ontstaat naar meer decentrale distributiecentra waartussen alternatieve vervoersmodi kunnen ingezet worden.
VIA 2020 : de weg naar een duurzame toekomst
We wensen dus geen nieuwe investeringen in oude vormen van infrastructuuruitbreiding. Geen Keynesiansime uit de oude doos. Wel investeringen die toestaan zinvol transport efficiënter te sturen. Elektronische kilometerheffing, telematica, verkeersbegeleidingssystemen, geclusterde zones voor distributiecentra en voorzieningen voor intermodaliteit moeten zorgen voor betere doorstroming en vergroening van onze transportstromen. Net zoals investeringen in een "slim" elektriciteitsnet moeten zorgen voor het efficiënter sturen en vergroenen van onze energiestromen. Zo wordt "VIA 2020" de weg naar een duurzame toekomst in plaats van een doodlopende straat.
Bart Martens en Joris Vandenbroucke
Vlaams Volksvertegenwoordigers (sp.a)
|